Van Vaandeldragers naar vliegwiel

Van Vaandeldragers naar vliegwiel
Van Vaandeldragers naar vliegwiel
12 januari, 2026

Je kunt het duurzaam willen. Je kunt er zelfs mensen voor hebben die er écht warm voor lopen. Maar zolang biobased bouwen “erbij” moet, wint de projectdruk. Bij Koopmans Bouwgroep werd dat een kantelpunt. Niet door een groot beleidsdocument, maar door het werk anders te organiseren. Duurzaamheid kreeg een vaste plek in de organisatie, bij projectintakes én in de uitvoering. En misschien nog wel belangrijker: er kwamen mensen die de tijd kregen om duurzame oplossingen zó uit te werken dat projectteams ze konden toepassen zonder vertraging, extra risico’s of eindeloze afstemming.

Sander Deterd Oude Weme, duurzaamheidsmanager bij Koopmans, vertelt hoe zij het aanpakken. Wat werkte, waar het schuurt en welke stappen andere bouwers vandaag al kunnen zetten om van koudwatervrees naar concrete toepassing te gaan.

Onbekend is onhandig
Sander steek gelijk van wal. “Hoe je duurzaamheid integreert in projectwerk? Als iemand denkt: ik moet dit vandaag af hebben, en wat ik nu moet doen ken ik niet… dan gebeurt er iets menselijks: men doet wat men altijd deed.” Volgens Sander zit daar de kern van veel frustratie en stagnatie. “Het is geen onwil, maar efficiëntie. In een strak projectritme heeft een nieuwe manier van werken of alternatieve materialen een lage overlevingskans. Biobased alternatieven vragen vaak nét iets extra’s: een andere leverancier, een andere detaillering, aanvullende onderbouwing of een route buiten de standaard vergunningverlening. Als die stap niet helder en uitvoerbaar is, verdwijnt deze vanzelf naar de achtergrond.” De oplossing die Koopmans vond, is even simpel als ingrijpend: duurzame keuzes zo vroeg mogelijk in het proces adresseren en projectteams ontzorgen door voorbereiding centraal te organiseren.

Van intrinsieke club naar structurele capaciteit
Toen Sander bij Koopmans begon, was er nog geen vastomlijnd duurzaamheidsbeleid. Wel ontstond er een groep intrinsiek gemotiveerde collega’s, verspreid over verschillende afdelingen. Zij noemden zichzelf de Vaandeldragers. Mensen uit onder meer inkoop, werkvoorbereiding, projectleiding, renovatie en transformatie, op verschillende niveaus in de organisatie. Hun rol was om kansen te signaleren en die kennis weer terug te brengen naar hun eigen teams. Die fase leverde een belangrijke les op: je kunt duurzaamheid niet “erbij” doen. Projecten zijn daarvoor simpelweg te vol en te strak gepland.

“Je kunt duurzaamheid niet ‘erbij’ doen.”

Duurzaamheid moest structureel belegd worden. Inmiddels heeft Koopmans een duurzaamheidsafdeling met vaste capaciteit. Sander richt zich op inhoud, koers en het uitwerken van oplossingen; een collega houdt zich bezig met wet- en regelgeving en rapportage. Binnen TBI werken de duurzaamheidsafdelingen van verschillende bedrijven bovendien samen, zodat kennis wordt gedeeld en niet ieder bedrijf het wiel hoeft uit te vinden.

Snel winnen en bewust verdiepen
Koopmans werkt in de praktijk met twee duidelijke sporen. Het eerste spoor bestaat uit relatief eenvoudige maatregelen. Het gaat om één-op-één uitwisselingen: hetzelfde onderdeel, maar met een lagere milieu-impact. Denk aan duurzamere varianten van wapening, beton of isolatiematerialen. Voor projectteams verandert er inhoudelijk weinig; het gaat vooral om andere inkoopkeuzes. Juist doordat deze stappen weinig verstoring veroorzaken, zijn ze goed schaalbaar en helpen ze om duurzaamheid onderdeel te maken van de standaardpraktijk.

Het tweede spoor vraagt meer voorbereiding. Hier gaat dan niet om vervangen, maar om anders bouwen. Denk aan hybride bouwconcepten, nieuwe gevelopbouwen of biobased elementen die nog niet standaard beschikbaar zijn. Dat raakt engineering, detaillering, ketenafspraken, testdata en brand- en regelgevingstrajecten.

Dit soort oplossingen worden bij Koopmans bewust niet bij projectteams neergelegd. Ze worden voorbereid vanuit de duurzaamheidsafdeling, zodat teams er later mee kunnen werken zonder dat het project vastloopt.

“Hoe meer uitgewerkt je een oplossing kan aandragen, hoe groter de kans dat het ook echt gebeurt.”

Praktijkvoorbeeld 1
Een hybride conceptwoning met biobased schil
Koopmans werkt aan een hybride grondgebonden woning, waarin traditionele bouw en biobased materialen worden gecombineerd. Het casco blijft daar waar nodig van beton, terwijl delen van de schil — zoals voor- en achtergevels — worden uitgevoerd in houtskeletbouw met biobased isolatie.

Deze aanpak maakt het mogelijk om CO₂-uitstoot te beperken waar dat functioneel kan, en tegelijk CO₂ op te slaan in biobased materialen. Omdat het om conceptbouw gaat, is schaalbaarheid essentieel. Dat vraagt om zorgvuldige engineering, uitgewerkte details en betrouwbare ketenpartners. Juist daarom wordt deze ontwikkeling centraal voorbereid, zodat projecten er later soepel mee kunnen werken.

Praktijkvoorbeeld 2
Biobased gevelelementen, inclusief brandrapportage
In de markt lijkt veel beschikbaar, maar wie doorvraagt merkt al snel dat veel biobased oplossingen nog niet volledig zijn uitgewerkt. Dat gold ook voor gevelelementen. In plaats van te wachten tot de markt het oplost, besloot Koopmans zelf stappen te zetten.

Er zijn biobased gevelelementen ontwikkeld, inclusief brandrapportages en toetsing met adviseurs. Zo ontstaat een product dat niet alleen duurzaam is, maar ook voldoet aan regelgeving en vergunningseisen. Voor projectteams betekent dit dat zij niet zelf het onbekende traject hoeven te doorlopen, maar kunnen werken met een bewezen oplossing die herhaalbaar is.

Praktijkvoorbeeld 3
De klimaatwagon als financieringsinstrument
Niet elke duurzame stap past direct binnen het beschikbare budget. Om daar toch beweging in te houden, werkt Koopmans aan de zogenoemde Klimaatwagon, die vanaf 2026 wordt ingezet. De klimaatwagon is een afgeleide van de TBI Klimaattrein. Met dit initiatief wil TBI meer snelheid maken om de klimaatafspraken te halen die in 2015 in Parijs zijn gemaakt.

Het principe is eenvoudig. Als Koopmans meer wil doen dan in de uitvraag is gevraagd — bijvoorbeeld door biobased voor- en achtergevels of een biobased dak toe te passen — dan wordt de meerprijs gedeeld met de opdrachtgever. Beide partijen dragen de helft bij. Zo wordt duurzaamheid geen eenzijdige investering, maar een gezamenlijke keuze. Het resultaat is een project dat duurzamer is dan oorspronkelijk gepland, zonder dat de financiële last volledig bij één partij ligt.

Mythes, vragen en bewijsdrang
Wie met biobased materialen werkt, krijgt vragen. Veel vragen. Over brandveiligheid, vocht, schimmel, levensduur, kosten en vergunningen komen vrijwel altijd voorbij. Volgens Sander is dat logisch: onbekendheid roept onzekerheid op. Tegelijk ziet hij een opvallend contrast. Traditionele materialen worden zelden zo kritisch bevraagd, terwijl biobased oplossingen juist uitgebreid moeten worden onderbouwd. Dat maakt het belang van testdata, certificering en heldere productinformatie groot. Oplossingen moeten niet alleen duurzaam zijn, maar ook aantoonbaar veilig, toepasbaar en vergunningsvriendelijk.

Juist daar ziet Sander ook de waarde van organisaties als Building Balance en regionale initiatieven zoals Van Polder tot Pand: zij vullen ontbrekende informatie aan, organiseren testen en maken oplossingen inzichtelijk en toepasbaar voor de praktijk.

Wat het oplevert?
Voor Koopmans gaat verduurzaming niet alleen over idealen, maar ook over toekomstbestendigheid. De eisen aan bouwprojecten worden strenger en opdrachtgevers stellen steeds vaker hoge duurzaamheidsambities. Door hier nu in te investeren, blijft Koopmans een aantrekkelijke partner.

Daarnaast werkt innovatie ook intern door. Projecten worden inhoudelijk interessanter, teams ontwikkelen nieuwe kennis en successen helpen om scepsis te vervangen door vertrouwen. Duurzaamheid wordt zo steeds minder iets ‘extra’s’ en steeds meer onderdeel van normaal vakmanschap.

5 tips voor beginners
+ Begin met één-op-één swaps: vervang bestaande producten door duurzamere varianten zonder het ontwerp te wijzigen.
+ Zet duurzaamheid aan de voorkant: maak het een vast onderdeel van de projectintake, niet iets voor later.
+ Werk met hapklare oplossingen: zorg dat testdata, opbouw, leveranciers en vergunningstrajecten helder zijn.
+ Creëer een interne olievlek: betrek mensen uit verschillende afdelingen en niveaus.
+ Organiseer ruimte voor meerkosten: spreek af wanneer je zelf investeert en wanneer je samen met opdrachtgevers optrekt.

Koopmans Bouwgroep in het kort
Koopmans is een ontwikkelende bouwer met het hoofdkantoor in Enschede en maakt onderdeel uit van TBI. Binnen TBI werken verschillende bedrijven samen aan duurzame oplossingen en kennisontwikkeling. Koopmans zet in op verduurzaming via zowel direct toepasbare productwissels als de ontwikkeling van nieuwe bouwconcepten, waaronder hybride woningen met biobased elementen. Voor projecten met extra duurzame ambities ontwikkelt Koopmans financieringsvormen waarin bouwer en opdrachtgever samen investeren.

Over Sander Deterd Oude Weme
Sander (46) is duurzaamheidsmanager bij Koopmans en woont in Enschede. Hij is bouwkundig opgeleid, studeerde architectuur in Delft en heeft brede ervaring in de bouw, onder meer in architectuur en gevelbouw. Met zijn kennis van duurzame en biobased oplossingen helpt hij Koopmans om duurzaamheid structureel en praktisch in projecten te verankeren.

Doorpraten?
Wil je als bouwer, opdrachtgever of ketenpartner de stap maken van ambitie naar toepassing?
Neem dan contact op met Jeanet@buildingbalance.eu en ontdek hoe praktijkkennis, testdata en samenwerking biobased bouwen schaalbaar maken.

Building Balance

Meer weten?

Neem contact met ons op via communicatie@buildingbalance.eu