‘Biobased bouwen is cruciaal bij verduurzamen bestaand vastgoed’

‘Biobased bouwen is cruciaal bij verduurzamen bestaand vastgoed’
‘Biobased bouwen is cruciaal bij verduurzamen bestaand vastgoed’
9 juli, 2026

Architect Omayra Mingels van SATIJNplus Architecten ziet twee grote kansen voor biobased bouwen in Limburg. Enerzijds beschikt de provincie over een sterke regionale keten, vruchtbare landbouwgronden en een rijke bouwcultuur. Anderzijds zijn natuurlijke bouwmaterialen volgens haar cruciaal bij de restauratie en verduurzaming van monumenten en bestaand vastgoed. In zes vragen deelt zij haar visie.

  1. Waarom biedt Limburg zoveel kansen voor biobased bouwen?

“De Limburgse bouwcultuur is sterk geworteld in de geologische en agrarische omstandigheden die deze regio te bieden heeft”, vertelt Mingels. “De Romeinen wisten al van de vruchtbare gronden en maakten Limburg tot hun graanschuur. Die combinatie van landschap, landbouw en bouwtraditie biedt vandaag de dag volop kansen voor de productie én toepassing van biobased bouwmaterialen.”

Die regionale samenwerking ziet ze als een belangrijke kracht. “Bij biobased bouwen hebben we elkaar nodig. Building Balance brengt partijen uit de hele keten samen. Dat past goed bij Limburg en bij onze regionale bouwcultuur.”

  1. Waarom zijn biobased materialen juist zo geschikt voor monumenten en bestaand vastgoed?

“Limburg heeft enorm veel bestaand en monumentaal vastgoed. Zo is Maastricht de tweede monumentenstad van Nederland. Het verduurzamen van bestaand/monumentaal vastgoed gaat het beste met natuurlijke materialen”, is de ervaring van Mingels.
Wanneer deze gebouwen worden verduurzaamd, gebeurt dat om esthetische redenen vaak aan de binnenzijde. Het volledig sluiten van de thermische schil en/of kierdichting is binnen bestaande en monumentaal bouw vaak niet haalbaar. Spleten, kieren en onzorgvuldige dichting leiden tot luchtlekken en hebben een sterk vochtaanzuigende werking. Denk bijvoorbeeld aan een koudebrug, zoals houten balken die in muren liggen. Daarom: hoe meer er wordt geïsoleerd, hoe groter de temperatuursprong en dus hoe groter het risico op vochtophoping ter plaatse. In het geval van een houten balk betekent dat rotting.

“Het mooie van natuurlijke bouwmaterialen is dat ze beschikken over vochtregulerende eigenschappen. Ze kunnen vocht opnemen en weer afgeven, waardoor bouwfysische risico’s in bestaand/monumentaal vastgoed aanzienlijk worden beperkt.”

Daarbij komt dat monumenten van oudsher vaak zijn opgebouwd uit natuurlijke materialen. Door de toepassing van natuurlijke bouwmaterialen blijft de vochtregulerende werking van de wandopbouw actief en werken bestaande en nieuwe materialen met elkaar samen. “Hierdoor is de kans op complicaties beperkt, het comfort hoog en de bouwmethodiek duurzaam en gezond.”

  1. Wat houdt opdrachtgevers momenteel nog tegen?

“Veel mensen denken dat meteen alles volledig biobased moet zijn. Dat schrikt af”, vertelt Mingels. “Terwijl de verandering vaak klein begint. Biobased isolatie toepassen of meer hout gebruiken in een ontwerp maakt al verschil.”

Volgens haar speelt ook het gebrek aan kennis over biobased materialen binnen de hele bouwketen een belangrijke rol. “Als opdrachtgevers en uitvoerende partijen beter begrijpen hoe deze materialen werken, wordt toepassing meer standaard.”

In 2025 ondertekenden negentien vooruitstrevende Limburgse architecten en architectenbureaus, samen met Stichting Building Balance Limburg, een commitmentverklaring voor het toepassen van biobased materialen in woningbouw- en renovatieprojecten.

  1. Wat merk je van het convenant in de dagelijkse praktijk?

“Het convenant helpt vooral om de transitie zichtbaar te maken. We spreken uit waar we voor staan en zoeken elkaar vaker op om kennis te delen.” Binnen SATIJNplus Architecten leidt dat tot bewustere keuzes in projecten. “Van een strobalenschuur tot restauratieprojecten waarin we biobased isolatiematerialen, zoals hennep, toepassen: iedere stap helpt.”

  1. Welke verantwoordelijkheid heeft een architect zelf?

“Architecten moeten weer meer ontwerpen vanuit het materiaal en niet alleen vanuit de vorm. Materiaalkennis is dus enorm belangrijk.” Zelf volgde Mingels onlangs een opleiding tot passiefhuisadviseur. “Hoe beter ik begrijp hoe materialen zich gedragen, hoe beter ik keuzes kan maken en onderbouwen richting opdrachtgevers.”

Volgens haar heeft een architect ook de verantwoordelijkheid om opdrachtgevers goed te adviseren. “Biobased bouwen gaat niet alleen over duurzaamheid. Natuurlijke materialen dragen dus ook bij aan minder complicaties bij verduurzaming, een gezonder binnenklimaat én een sterke regionale keten.”

  1. Welke ontwikkeling stemt jou het meest hoopvol?

“Dat steeds meer partijen in de regio elkaar weten te vinden. Architecten, boeren, gemeenten en bouwpartijen zoeken elkaar op. Dat is nodig om écht stappen te zetten. De lijnen binnen de keten moeten kort zijn om de uitdagingen van klimaatverandering aan te kunnen én onze hoge leefkwaliteit te behouden.”

Ook de terugkeer van biobased gewassen in het landschap stemt haar positief. “In Zuid-Limburg zijn sinds ruim een eeuw weer hennepvelden ingezaaid. Vroeger had bijna iedere boerderij een perceel met hennep voor allerlei toepassingen, zoals touw en textiel. Dat dit gewas zijn herintrede maakt, geeft biobased bouwen letterlijk meer zichtbaarheid. Dat helpt enorm bij de bewustwording.”

Building Balance

Meer weten?

Neem contact met ons op via communicatie@buildingbalance.eu

Ontmoet het team

Elma Mieras

Elma
Mieras

Elma Regiomanager Zuid en Oost Nederland

Serge van den Berg

Serge
van den Berg

Ketenregisseur Limburg

Frank Kusters

Frank
Kusters

Activator gemeenten & Ketenregisseur Limburg

Eppo Timmer

Eppo
Timmer

Ketenregisseur Limburg